Mijn paasbrunch voor Dille & Kamille

Nog een dikke twee weken en dan is het Pasen. Hoogtijd dus om naar jaarlijkse traditie mijn paasrecepten met jullie te delen. In samenwerking met Dille & Kamille bedacht ik weer een reeks toffe brunchgerechten. Laat het smaken!

Eggs Benedict met ham, spinazie en Hollandaisesaus

Ingrediënten (voor 4 personen)

  • 4 dikke witte boerenboterhammen
  • 4 sneetjes ham
  • 400 g jonge spinazie, gewassen
  • 1 teentje look, gepeld en fijngesneden
  • 4 eitjes
  • 1 l azijn
  • 5 l water
  • 2 el olijfolie

Voor de Hollandaisesaus:

  • 250 g boter
  • 2 eidooiers
  • 2 eierdopjes water
  • sap van ½ citroen
  • peper en zout

Bereiding

  1. We starten met het ‘klaren’ van de boter. Zet de boter op het vuur en laat ze zachtjes smelten. Schep het bovenste schuimige deel eraf tot je enkel heldere ‘klare’ boter overhoudt. Hou warm op een zacht vuurtje. Verwarm de oven voor op 200°C.
  2. Klop de eierdooiers los met het water in een steelpannetje op een zacht vuurtje. Klop ze luchtig met een garde en roer er straalsgewijs de geklaarde boter onder. Klop mooi op tot een schuimige saus. Breng op smaak met peper, zout en wat citroensap. Hou warm op een heel laag vuurtje.
  3. Leg de boterhammen en de ham op een bakplaat met bakpapier en bak zo’n 10 min in de oven.
  4. Bak intussen de spinazie samen met de fijngesneden look in wat olijfolie in een pan.
  5. Pocheer de eieren in kokend water met azijn.
  6. Schep de spinazie op de boterhammen. Leg er de ham en een gepocheerd ei op. Werk af met de Hollandaisesaus.

Tip: eitjes pocheren doe je zo:

Breng een grote pot met water aan de kook. Voeg er de azijn aan toe. Doe de eitjes elk afzonderlijk in een koffiekopje. Maak een draaikolk in het water met behulp van een klopper. Zet het vuur af, wacht tot de kolk iets stiller draait. Giet er in één keer één eitje bij. Zet het vuur terug hoger en laat het eiwit zachtjes rond het eigeel draaien. Wacht tot het ei mooi gepocheerd is. Haal het er voorzichtig uit. Herhaal voor de andere eitjes.

Brioche vlechtbrood met rozijnen – geabricoteerd met deze jam

Ingrediënten (voor 1 brood)

  • 1/3 kopje vanillesuiker of kristalsuiker
  • 1/4 pakje verse gist (+- 10 g)
  • snuifje zout
  • 4 kopjes zelfrijzende bloem
  • 1/2de kopje water
  • 1/2de kopje melk
  • 1/3de kopje boter
  • 1 kopje rozijnen
  • 4 el abrikozenconfituur
  • 3 el water

Bereiding

  1. Neem de keukenrobot met een deeghaak (of gebruik een handmixer). Doe de suiker, de gist, het zout en 1 kopje bloem in de mengkom en meng goed.
  2. Warm de melk en de boter op een zacht vuurtje tot de boter gesmolten is. Laat afkoelen tot het mengsel lauw is. Meng het nadien onder de droge ingrediënten van de mengkom en mix zachtjes door.
  3. Voeg er nadien beetje bij beetje de bloem aan toe tot je een glad deeg krijgt.
  4. Mix het deeg verder tot je een mooie deegbal krijgt.
  5. Vet een kom in en leg hierin de deegbal. Dek af met een keukenhanddoek en laat het deeg 1 tot 2 uur rijzen op een droge plaats. Het deeg moet verdubbeld zijn in grootte.
  6. Neem het gerezen deeg en sla erin met je vuist. Rol het op een bebloemd werkblad uit tot een rechthoek. Strooi hier de rozijnen op.
  7. Rol het deeg op tot een mooie rol (start van aan de korte zijde). Snijd de rol in twee. Vlecht er dan een brood mee.
  8. Leg het brood voorzichtig in een rechthoekige bakvorm (20 cm lengte), bekleed met bakpapier.
  9. Leg er een handdoek op en laat het brood nog een uur rijzen.
  10. Verwarm ondertussen de oven voor op 180°C.
  11. Bak het brood 40 tot 45 minuten in de oven tot het goudbruin ziet. Als het brood te snel kleurt kan je er wat aluminiumfolie opleggen zodat het wel verder bakt maar bovenaan niet verder kleurt.
  12. Laat afkoelen in de vorm. Warm intussen wat abrikozenconfituur op in een steelpannetje op het vuur. Bestrijk het brood ermee met behulp van een borsteltje voor een extra glanzend effect.

Tip: Ik gebruik een koffiekopje om dit vrij ingewikkelde recept toch eenvoudiger te maken. Super handig!

Lentesalade met krieltjes, groene asperges en radijsjes met een mosterdvinaigrette  

  • 500 g krieltjes
  • 16 groene asperges of aspergepunten
  • 8 radijsjes
  • verse dille en peterselie
  • olijfolie
  • peper en zout

Voor de vinaigrette:

  • 4 el olijfolie
  • 2 el azijn
  • 2 el mosterd
  • peper en zout
  1. Verwarm de oven voor op 180°C. Was de krieltjes, snijd ze overlangs in twee. Leg ze in een ovenschaal, bedruppel met wat olijfolie en kruid met peper en zout. Rooster ze zo’n 40 min. in de oven.
  2. Blancheer de asperges in kokend water. Laat ze uitlekken en snijd ze in twee.
  3. Was de radijsjes en snijd ze in schijfjes.
  4. Schik de krieltjes met de groene asperges en de radijsjes in een saladekom. Werk af met wat dille en peterseliepluksels.
  5. Klop een vinaigrette van 2 eetlepels olijfolie, een eetlepel azijn en een eetlepel mosterd. Kruid met peper en zout. Druppel de vinaigrette over de salade.

Filo-wrap met zalm, ricotta en pesto 

Ingrediënten (voor 4 personen):

Voor de filowrap:

  • 4 zalmfilets (van ongeveer 100 g)
  • 250 g ricotta
  • 4 el pesto
  • 1 pak kant-en-klaar filodeeg
  • olijfolie
  • peper en zout

Voor de yoghurtdip:

  • 200 g Griekse yoghurt
  • 1/4de komkommer, fijngeraspt
  • verse fijngehakte groene kruiden: peterselie, dille, munt en bieslook

Voor erbij:

  • 200 g veldsla
  • olijfolie
  • witte wijnazijn
  • peper en zout
  1. Verwarm de oven voor op 180°C. Leg het filodeeg open.
  2. Neem per wrap zo’n 3 velletjes Bestrijk elk laagje met een beetje olijfolie en leg de laagjes opnieuw op elkaar. Leg op elk stapeltje van 3 laagjes een stukje zalmfilet. Meng de ricotta met de pesto en schik wat van het mengsel naast de zalm. Kruid met peper en zout. Rol de wraps één voor één op en bestrijk langs de buitenkant opnieuw met wat olijfolie.
  3. Leg de filowraps op een bakplaat met bakpapier en bak ze zo’n 35 min. in de oven tot ze mooi krokant gebakken zijn. Meng intussen alle ingrediënten voor de yoghurtdip.
  4. Breng de veldsla op smaak met de olijfolie, witte wijnazijn, peper en zout. Schik op de borden. Schik er de filowraps bij. Serveer met de yoghurtdip.

 

Mini-pavlova’s met lemon curd – versierd met bessen en/of suikeren taartdecoratie

Ingrediënten (voor 6 tot 8  pavlova’s)

  • 250 eiwit
  • 250 g kristalsuiker
  • 250 g poedersuiker
  • potje lemon curd van Dille & Kamille
  • blauwe bessen
  • takjes verse munt
  • suikerdecoratie

Bereiding

  1. Verwarm de oven voor op 100°C. Klop de eiwitten licht schuimig en voeg er dan beetje bij beetje de kristalsuiker bij. Klop het eiwit verder helemaal stijf in pieken en klop er dan beetje bij beetje de poedersuiker onder. Klop verder (dit kan zo’n 10 minuten duren) tot het eiwit helemaal stijf en glanzend is.
  2. Neem 2 bakplaten met bakpapier. Teken cirkels op het bakpapier met behulp van een bordje en een stift. Draai het bakpapier om. Schep nu de meringue beetje bij beetje op de cirkels of gebruik een spuitzak met een gekarteld spuitmondje. Bak de meringue zo’n 3 uur in de oven op 100°C. Laat de pavlova nadien ook volledig afkoelen in de oven. Hij mag nog een beetje zacht zijn vanbinnen.
  3. Roer de lemoncurd even los en schep ‘m in de pavlova’s. Werk af met wat blauwe bessen, takjes verse munt en eventueel wat suikerdecoratie.

 

Comments are closed.